Jonathan Okita beleefde zijn meest succesvolle jaar tot dusver, maar eindigde 2021 met een flinke kater. De aanvaller raakte 20 november in het uitduel met AZ Alkmaar geblesseerd aan zijn voet en daar is hij nog altijd niet van hersteld. In Spanje traint Okita voor zichzelf in de gym, maar hij is maar wat blij dat hij is mee afgereisd naar zuid-Spanje. “Maar het doet ook pijn. Kijk dit veld… Dan gaan je voeten wel jeuken.”

We spreken Okita na de eerste oefensessie van de dinsdag. De Duitser laat speciaal voor het interview zijn gezicht even zien, al zou hij anders ook wel even komen kijken. Dat deed hij maandag ook al. “Ik kan heel goed met alle jongens. Ik vind het leuk om ze plezier te zien hebben, om ze bezig te zien zijn. We halen als groep een heel hoog niveau. Het is echt leuk om voor NEC te voetballen op dit moment.” Dat is voor Okita ook wel eens anders geweest. “Andere jaren was de druk veel hoger en dat merkte je dan ook aan de sfeer in de groep.”

Hij schoot NEC hoogstpersoonlijk naar de Eredivisie. Okita leefde helemaal op en draaide ook in de Eredivisie uitstekend mee. “Ik wilde altijd naar dit niveau en nu kreeg ik de kans het te laten zien. Ik denk dat ik het goed gedaan heb,. maar toen kwam die blessure…” Het bleek een voetblessure te zijn die alleen zou herstellen door rust. Heel veel rust. “Het was moeilijk voor mij, ik had het er zwaar mee. Maar ik ben blij dat de jongens de goede lijn gewoon weer oppakten waardoor we er nu heel goed voor staan.”

Okita is na een periode van rust inmiddels druk bezig met zijn revalidatie. Hij kan, mede door de perfecte grasmat in Alhaurin El Grande, niet wachten zijn rentree tussen de lijnen te maken, maar zal nog even geduld moeten hebben. “Ik denk dat ik nog zo’n twee tot vier weken nodig heb. Maar pin me er niet op vast. Het is moeilijk te voorspellen. Maar Heracles? Die wedstrijd komt voor mij sowieso te vroeg. Ik heb nog wat ritme nodig, ik lig er straks bijna twee maanden uit. Dat vergt tijd.”

In Spanje komt Okita de tijd wel door. Hij kan goed overweg met veel spelers en in het speciaal met Ali Akman. “Ali is crazy. Het is heel leuk om met hem op de kamer te slapen. Hij is soms mega druk en dan ineens valt-ie in slaap.” Ook met andere spelers trekt hij op. “We zoeken elkaar op in de kamers en spelen spelletjes met elkaar. Of we kletsen, maken grapjes. Morgen gaan we golfen met de groep, dat lijkt me ook leuk.” Dan kan Okita in ieder geval volledig meedoen. “Zolang het geen voetgolf is”, grapt hij. “Ik kan m’n armen gebruiken. Daarmee kom je als het goed is een heel eind.”

Een van de spelletjes die Okita af en toe speelt in het hotel, is FIFA 22. Hij uitte gisteren nog zijn onvrede over zijn eigen beoordeling in het spel. “Ik vind dat ze m’n snelheid echt onderwaarderen. Ik ben een van de snelste van het team”, lacht Okita. Het voetbalspel geeft hem daarvoor 80 punten, 99 is het maximale. “En over het algemeen mag mijn gemiddelde rating ook wel wat omhoog”, stelt de aanvaller zelf.

Dat zijn FIFA-kaartje er volgend jaar sowieso anders uit gaat zien, staat bijna wel vast: het clublogo kan zomaar eens veranderen. Zijn contract in Nijmegen loopt na vier seizoenen komende zomer af. Technisch directeur Ted van Leeuwen gaf recentelijk al aan dat de kans dat de Congolees international die gaat verlengen, klein is. Okita zelf is zich weliswaar bewust van zijn transfervrije status, maar wil er niet teveel aandacht aan schenken. “Ik heb er echt nog niet over nagedacht. Dat kwam ook door mijn blessure, dat heeft me veel kracht gekost.”

Zijn zaakwaarnemer laat hem ook met rust en heeft Okita meegegeven er niet teveel over te praten met anderen. Gesprekken met Ted van Leeuwen heeft Okita wel al gehad. “Hij is een goede man. Ik praat veel met hem, maar concreet is er nog niks. We gaan het wel zien. Ik wil eerst terug naar het veld en zorgen dat we in de Eredivisie blijven. Dat is het doel van 2022”, besluit Okita.