LOG HIER IN MET JE FACEBOOK ACCOUNT

14-03-2020 11:56 UUR Door: Joram Janssen en Cas Jansen

Proper is het nieuwste oogappeltje van NEC


Sinds de winterstop is Dirk Proper volwaardig lid van de eerste selectie van NEC geworden. De middenvelder begint langzaam meer aan speeltijd te komen en staat steeds vaker in de basis. Het nieuwste oogappeltje van de jeugdopleiding is in februari 18 jaar geworden, maar is zeker niet op zijn mondje gevallen.


Proper zat langere tijd tegen de eerste selectie aan te hikken. Een beloning voor hem, nadat hij bijna de gehele jeugdopleiding heeft doorlopen. “Als eerstejaars E’tje ging ik van Spero naar NEC. Het is dan heel fijn om lekker met jongens te spelen die net zo goed kunnen ballen als jij. Op die leeftijd was ik nog heel speels, maar ik was wel fanatiek. Ik zag al snel dat ik wel tot de beste van het team behoorde, maar ik dacht nog niet na over het eerste. Maar vanaf de D’tjes begon het toch wel te kriebelen.”


Vanaf de D’tjes speelde hij al samen met Bart van Rooij, die ook dit seizoen doorbrak in de Keuken Kampioen Divisie en inmiddels de onomstreden rechtsback van NEC is. “Met Bart ben ik ook naast het veld goed bevriend. Wat dat betreft is wel extra leuk om samen met jongens als Bart, Ole Romeny en Frank Sturing in het eerste te spelen.”


Een jaar later, in de C’tjes, kreeg Proper Iddo Roscher als trainer. Van het hoofd jeugdopleiding heeft hij veel geleerd. “Hij liet ons ook nadenken over vragen als ‘Hoe denk ik over voetbal na?’ Ik moest niet zomaar zonder doel naar de training komen, maar gericht trainen om mijn tekortkomingen te verbeteren. Dat idee kon hij structureel bij iedereen aanbrengen.”


Rond die tijd kwam hij ook al regelmatig in het nieuws. Het grootste talent van de jeugdopleiding zou de serieuze interesse van PSV genieten. Toch heeft hij nooit een overstap gemaakt. “NEC heeft altijd vertrouwen in me uitgesproken. Ze waren altijd bezig om de jeugd door te laten stromen. Ze hebben me in dat opzicht altijd gerustgesteld. Als ik me zou blijven ontwikkelen, zou ik zeker een kans krijgen. PSV heeft lang interesse in me gehad, net als Ajax en Feyenoord. Maar ik kon me gewoon het beste ontwikkelen bij NEC. Ik kon telkens een team doorschuiven, waardoor ik keer op keer moest leren voetballen tegen sterkere en grotere jongens. Bij zo’n topclub zou ik constant in mijn eigen leeftijdscategorie blijven spelen. Hier krijg je bovendien extra aandacht. Bij een andere club is dat misschien minder.”


De aandacht van de traditionele top drie van Nederland was niet zomaar uit de duim gezogen. “Ik ben bij alle clubs concreet langsgeweest. PSV was het meest volhardend. Bijna ieder jaar was ik daar wel even op bezoek. Feyenoord en Ajax waren allebei eenmalig. Ik heb daar telkens goed over nagedacht, maar uiteindelijk besloten dat ik beter af was bij NEC. Misschien zullen ze nu af en toe kijken, maar ik hoor er in ieder geval niks van.”


Proper bleef NEC trouw en voelt inmiddels de verbondenheid met de club. “Ik was vroeger geen die hard NEC-supporter. Pas toen ik me aansloot bij de E’tjes is die interesse ontstaan. Mijn familie bestond dan ook niet uit NEC-fans. Mijn ouders zijn geen echte voetbalfans en mijn broer is voor Ajax. Het is inmiddels wel gewoon mijn cluppie geworden. Als E’tje mocht ik met Bram Nuytinck het veld oplopen, dat vond ik toen wel heel stoer.”


Inmiddels zit Proper vast bij de wedstrijdselectie van NEC. Dat was misschien nog wel eerder dan verwacht. “Ik hoopte dit seizoen mijn debuut te maken. Dat is eigenlijk een stuk sneller gegaan, dus hopelijk kan ik nu zoveel mogelijk minuten maken om me te verbeteren. Tegen een wedstrijd tegen Telstar had ik bijvoorbeeld wel een doelpunt of assist moeten leveren. Normaal ben ik niet de doelpuntenmaker, dus dat is een verbeterpunt. Verder vind ik dat ik meer de aanvallers aan het werk moet zetten. Zo komt het team aan voetballen toe. Vergeleken met de jeugdcompetitie zijn de teams op dit niveau fysiek zo veel sterker. Ik heb wat dat betreft nooit last gehad van mijn lengte. Ik ben wel redelijk sterk voor mijn lengte, het was vooral belangrijk dat ik wat meer pit in mijn spel legde.”



Proper praat ook met teamgenoten over zijn verbeterpunten. “Mart Dijkstra heeft zich een beetje over me ontfermd. Ik heb het met hem niet alleen over voetbal. Hij staat natuurlijk op mijn positie, dus kan mij bij bepaalde situaties makkelijk sturen. Met hem kan ik goed praten, maar ook Rens van Eijden en Etien Velikonja proberen mij dingen te leren. Dat zijn dan toch gauw de oudere jongens.”


Wat dat betreft trekt Proper zich niet zo veel aan van de mediahype rondom hem. “Omdat ik uit de jeugd van NEC kom, lopen de supporters met me weg. Ik vind de aandacht nog wel een beetje overdreven. Ik speel aardig maar ben zeker niet de beste. Als ik dan koppen lees als ‘dirigent Dirk’ of ‘de Iniesta van NEC’, moet ik wel lachen. Ik zou het heel graag willen worden, maar dat is echt te vroeg. De complimenten zijn natuurlijk prachtig, maar ik kan nog veel beter.”


Door zijn plotselinge opkomst wordt Proper nu ook ineens herkend. Zo ook, toen hij samen met Van Rooij vorige maand ging kijken bij de Arnhemse derby onder 19. “Het was voor mij de eerste keer sinds een lange tijd dat ik daar ging kijken. Dan duurt het voor mij best lang om van de ene naar de andere kant van het veld te lopen. Bart en ik hebben jaren met die jongens gespeeld. Bovendien is NEC-Vitesse altijd een geweldige wedstrijd om te kijken. Ik word op de universiteit nog niet zo herkend, maar dat is ook een hele internationale omgeving, daar lopen niet zo veel NEC-fans rond.”


De geboren Elstenaar vertegenwoordigt ook al jaren al de jeugdelftallen van het Nederlands elftal. Daar heeft hij met de winst van het EK onder 17 en de vierde plek op het WK onder 18 al een hoop meegemaakt. “De eerste keer bij Oranje was een training bij onder 14. Toen speelden we een oefenwedstrijd tegen Duitsland. Sindsdien zit ik er telkens bij. Zo’n eindtoernooi is echt een hele beleving. Je speelt tegen allerlei toplanden, je krijgt heel veel media-aandacht. Op dat EK heb ik ook veel minuten gemaakt. Maar dat we dat EK wonnen is natuurlijk fantastisch. Maar de beleving is nog mooier, je bent drie weken lang gewoon alleen maar met voetbal bezig. Het verschil tussen een EK en een WK is wel echt anders. Voor het WK in Brazilië vlogen we alle kanten op, dat was echt super. Daar heb ik echter maar twee invalbeurten gehad. Ik had liever alles gespeeld natuurlijk, maar je moet ook blij zijn dat je erbij kon zijn.”


Bij die jeugdelftallen speelde hij samen met een boel bekende namen. “Ik heb met jongens als Mohamed Ihattaren en Ryan Gravenberch gespeeld, die breken nu door bij de topclubs. Je kan jezelf meten met dat soort jongens en jezelf bewijzen in topwedstrijden.”



Over zijn verre toekomst denkt Proper nog niet zo uitgebreid na. “Natuurlijk stel je een plan voor jezelf uit en heb je doelen waar je naartoe streeft. Het is heel makkelijk om te zeggen dat je over tien jaar bij FC Barcelona speelt, maar er zitten heel veel stappen tussen. Je hebt altijd droomdoelen. Ik zou gewoon graag Champions League willen spelen. Daar droom je van. Maar je moet één stap tegelijk zetten.” Wat dat betreft blijft Proper met beide beentjes op de grond staan. “Ik ben altijd redelijk bescheiden geweest. Ik zou nooit zeggen dat ik mezelf de beste speler van het veld vind. Dat is niet hoe ik ben. Maar als ik het niet eens ben met een beslissing ga ik wel met de trainers in gesprek. Dat is niet meer dan logisch. Maar ik storm dan niet vloekend van het veld af.”


Door al het voetbalgeweld zou je haast vergeten dat Dirk Proper ook nog gewoon bezig is met een studie Psychologie aan de Radboud Universiteit. Daar zit hij nou in zijn eerste jaar. “Het studeren is makkelijk te combineren met voetbal. Ik vind het hartstikke leuk om te voetballen, maar heb daarnaast ook nog een prikkel nodig. Je kan simpelweg niet de hele dag bezig zijn met trainen, je lichaam houdt dat niet vol. Ik ben dan niet iemand die dan op de bank gaat hangen. Ik verveel me dan gauw. Ik vond de studie gewoon interessant om te doen. En nu nog steeds. Soms is het alleen wat passen en meten, want het kost wel tijd. De tentamens kan ik natuurlijk niet verzetten, maar dan probeer ik daarna voor mezelf te trainen. Ik wil niet achterlopen wat dat betreft.”


Keuzes wat betreft zijn studie mag hij zelf maken. “Mijn ouders vonden wel dat ik mijn middelbare school moest afmaken, maar laten het nu aan mij wat ik verder in mijn carrière ga doen. Zolang ik het leuk vind en het me niet negatief beïnvloedt, wil ik gewoon verder gaan. Want uiteindelijk gaat het voetbal voor. Voetballen kan je maar tot een bepaalde leeftijd, een studie kun je daarna nog doen. Maar het is voor mij goed om mijn interesses naast het voetbal te verkennen.”


Foto's: Rob Koppers



BEKIJK HET OVERIGE NIEUWS