LOG HIER IN MET JE FACEBOOK ACCOUNT

09-01-2020 21:00 UUR Door: Sander Janssen en Chiron Rengers

In gesprek met de drie hoofdtrainers van NEC


De drie hoofdtrainers van NEC zijn nu ruim een half jaar bezig aan hun gezamenlijke klus bij de Nijmeegse club. Het is ook bijna net zo lang geleden dat ze alle drie aan het woord zijn gekomen in de media. Tijdens het trainingskamp in Spanje sprak ForzaNEC voor het eerst tegelijk met Adrie Bogers, François Gesthuizen en Rogier Meijer om terug te blikken en vooruit te kijken.

 

Het is niet voor niets zo dat Gesthuizen in juni naar voren werd geschoven als de 'woordvoerder' van het driemanschap. Na iedere wedstrijd telkens met een andere trainer praten is niet bepaald praktisch en de 47-jarige oefenmeester uit Millingen aan de Rijn komt prima uit zijn woorden. Het is dan ook al een half jaar duidelijk dat Gesthuizen de man van de media is. Toch waagden we in Spanje de poging om alle drie de trainers te spreken. Ervan uitgaande dat dat verzoek niet zou worden gehonoreerd werden we blij verrast door het bericht dat Bogers, Gesthuizen en Meijer met ons in gesprek wilden.

 

Van ons plan om het gehele 'media-uur' in het luxueuze hotel in Estepona te vullen met dit gesprek komt weinig terecht. Bij aankomst zijn de trainers in overleg en eenmaal klaar beent Gesthuizen eerst naar beneden, richting het zwembad, voor een interview met Jan Sommerdijk van Omroep Gelderland. Hij heeft eigenlijk liever Bogers voor zijn camera, maar op dat verzoek krijgt hij geen instemmend antwoord. Het is óf alle drie óf alleen Gesthuizen en aangezien hij niet met ons idee aan de haal wilde, wordt het dat laatste.

 

Uiteindelijk spreken we ruim een half uur. We volgen Gesthuizen richting een van de zitgelegenheden in de lobby van het hotel. Daar wachten Bogers en Meijer - duidelijk in een wat melige stemming - ons op. Meteen wordt ook duidelijk dat een interview met drie hoofdtrainers best een puzzel is en dat het af en toe botst tussen de oefenmeesters en de delegatie van ForzaNEC. De zin 'vraag je dat aan mij?' klinkt meermaals. Naast Gesthuizen neemt vooral Bogers het woord. Na een achtbaanrit van twee seizoenen zit hij nog altijd in het zadel bij NEC, waar hij binnenkwam als assistent-trainer, na elf dagen gepromoveerd werd tot hoofdtrainer, een half jaar later weer werd teruggezet door de komst van Pepijn Lijnders en na anderhalf jaar als assistent nu weer een van de hoofdtrainers is.

 

Driemanschap

Bogers en Meijer kenden de driemansconstructie al, want na het ontslag van Jack de Gier namen zij het samen met Ron de Groot over. De zoektocht naar de indirecte opvolger van De Gier verliep in de zomer uiterst moeizaam. "Er is met trainers gepraat om te kijken of zij in het plaatje pasten dat NEC voor ogen heeft en allerlei opties zijn afgevallen", vertelt Bogers. "De club kwam toen met het idee om opnieuw een driemanschap te formeren. Ik zat al bij het eerste en Rogier was erbij gekomen, François zat bij de jeugd. Met dat idee zijn ze naar ons gekomen."

 

 

Het eerste driemanschap van NEC: Rogier Meijer en Adrie Bogers samen met Ron de Groot.

 

Rijst de vraag hoe dat in zijn werk gaat, drie trainers die elkaar niet bijster goed kennen en tot één voetbalfilosofie en speelwijze moeten komen. Gesthuizen breekt echter in bij een vraag over de taakverdeling. "We zitten nu in januari... Deze vraag is al zó vaak beantwoord en iedereen komt maar steeds terug op het driemanschap. We hebben goede werkafspraken gemaakt. Soms lopen de dingen heel vloeiend en doen we dezelfde dingen die je ook doet met één hoofdtrainer en assistent-trainers. Het blijft alleen een issue door vragen van mensen van buitenaf. We evalueren elke dag. Het is een proces dat continu doorgaat."


De irritatie is merkbaar en Bogers, inmiddels alleen al bij NEC ervaringsdeskundige als hoofdtrainer én assistent, beaamt dat er niet veel verschil is. "Ik heb zeker in de laatste periode bij andere clubs waar ik als assistent werkte gezegd dat je niks aan mij hebt als je me alleen wil hebben om de pionnen weg te zetten. Ik heb samengewerkt met Ruud Brood en Jurgen Streppel en van hen kreeg ik ook een bepaald deel van de verantwoordelijkheid. Nu is dat in feite niet veel anders. Kijk naar Mikel Arteta. Hij wordt hoofdtrainer bij Arsenal, dan neem ik aan dat hij ook een behoorlijke inbreng had bij Manchester City." Of, wanneer en hoe de trainers in de zomer bij elkaar zijn gaan zitten, blijft een raadsel.

 

Prestaties

Veel zin in het beantwoorden van vragen over het driemanschap is er dus niet. Dan maar over naar de prestaties. Waar NEC vorig seizoen in de winterstop op de twaalfde plek stond met 25 punten staat de ploeg nu negende met 30 punten, maar ook met een wedstrijd meer gespeeld dan vorig jaar. Negende lijkt karig, maar daarmee wordt wel de doelstelling van de clubleiding gehaald. Algemeen directeur Wilco van Schaik houdt de druk bewust laag en wil dat NEC een ticket voor de play-offs haalt, al is de ambitie natuurlijk een hogere positie, zo maakte hij ook duidelijk. Veel fans hebben al kritiek gehad op die weinig ambitieuze doelstelling en ook in het gesprek met de trainers zal dit nog aan de orde komen.

 

Het grote verschil met vorig seizoen is dat er nu een veel jongere selectie staat met talenten uit de eigen opleiding, van wie velen al hebben samengewerkt met Meijer en Gesthuizen. Mede door de financieel precaire situatie heeft NEC voor 'eigen jongens' als Bart van Rooij, Ole Romeny en Anthony Musaba gekozen, terwijl iemand als Dirk Proper zich begint aan te dienen. In de voorgaande twee seizoenen was het moeilijker om talenten de kans te geven, vertelt Bogers. "Als je zoals de afgelopen twee jaar speelt om het kampioenschap, gaat dat vaak niet gepaard met kansen geven aan jonge gasten en die tien wedstrijden laten staan. Als ze er vijf slecht spelen en bij de zesde pakken ze het weer op, hebben ze het verdiend. Maar als je kampioen moet worden, laat je niemand die slecht presteert vijf wedstrijden staan. Het belangrijkste is dat wij de ontwikkeling door kunnen zetten. We hebben gekozen voor deze werkwijze en filosofie. Dat proces moeten we blijven bewaken."

 

De jonge spelers kunnen NEC op termijn financieel weer vooruit helpen door een transfer te maken naar een grotere club. "Daarom kiezen we ervoor om onze spelers wat langer de kans te geven. Het moet zo zijn dat we in de toekomst weer een speler als Kadioglu kunnen verkopen. Dat is ook een beetje de levensader van NEC. De filosofie om met zelfopgeleide spelers te gaan werken, ontstaat bij grotere clubs als AZ omdat ze visie en beleid hebben, maar bij heel veel clubs is het geld simpelweg op. Veel clubs zijn eigenlijk ook al failliet geweest. NEC heeft jarenlang geprobeerd om aan te haken met dikke contracten, maar als het niet lukt en je een stapje terug moet doen, ontstaat de filosofie in die situatie."

 

Ervaring

We laten de hersens van de trainers kraken als we de vraag stellen op welk vlak hun ploeg zich in de eerste seizoenshelft het meeste heeft ontwikkeld. Gesthuizen neemt het woord over. "Het is lastig om dat meetbaar te krijgen. We zijn op zoek geweest naar een bepaalde stabiliteit. We hebben een heel jonge ploeg waarvan je ook weet dat het met vallen en opstaan zal gaan. Ik noem Bart van Rooij weleens als voorbeeld. Tegen Go Ahead Eagles liep een speler twee keer bij hem in de rug weg om een voorzet te kunnen geven. We staan achter, mensen beginnen te fluiten bij ieder balcontact. Wat doet dat met zo'n jongen? Uiteindelijk kun je het alleen maar leren door het te ervaren. We merken dat spelers door dat soort momenten, die dan even vervelend zijn, wel stappen maken. Dat is bijna niet te trainen."

 

 

Gesthuizen merkt op dat een aantal jonge spelers stabieler is geworden en haalt een eerder genoemd voorbeeld van Meijer aan. "Anthony Musaba was in het begin van het seizoen vooral gevaarlijk als invaller. In het laatste half uur, met een ietwat vermoeide tegenstander. Dan kun je onbevangen spelen en komt hij in zijn kracht. Vervolgens kwam hij in de basis. Dat ging in het begin ook moeizamer, maar in de laatste weken was hij een van onze gevaarlijkste spelers. Jongens worden daarin stabieler en mede door de terugkeer van Rens van Eijden wordt ook het team wat stabieler. Jonge jongens moeten leren door die wedstrijden te spelen. NAC-uit voor 18 duizend mensen, dat was voor veel jongens nieuw. En ja, dat gaat ook weleens mis. Het gaat met pieken en dalen en wij denken dat de dalen steeds minder diep zijn geworden."

 

Bogers vult aan: "Er zitten zo veel elementen in een wedstrijd. Als trainer heb je daar een ander beeld van dan wanneer je supporter bent. Het is mooi als de dingen die je hebt afgesproken met elkaar er in de wedstrijd uitkomen. Dat kan een moment zijn, een fase, een helft of één onderdeeltje bij een speler. Anthony Musaba, bijvoorbeeld. We zijn alle drie met hem bezig, want zijn rendement moet omhoog. Tijdens een wedstrijd, na een actie, moet hij de keuze maken tussen voorzet en schot. Dat hij in de wedstrijd tegen Eindhoven kiest voor een stiftje over de keeper, wat we alle drie met hem hebben besproken, is dat voor mij een moment dat ik denk: we hebben hem. En nu moet hij door. Zo kijk je naar het team en het individu."

 

De spelers van NEC zijn te spreken over de persoonlijke begeleiding van de hoofdtrainers, die de selectie hebben opgedeeld in drie groepen. Als we spreken over 'mentorgroepen', breekt Meijer zichtbaar geïrriteerd in. "Zo noemen wij het niet. Daarmee maak je het groter dan het is. We begeleiden alle drie een groep spelers individueel. We hebben het geluk dat we met drie zijn, waardoor we de groep kunnen opdelen in groepen van zes of zeven spelers. Na de wedstrijd bekijken we de beelden en gedurende de trainingsweek krijgen de spelers individuele aandacht." Gesthuizen springt bij: "We vonden het belangrijk dat alle jongens voldoende aandacht krijgen. Maar het is niet zo dat Adrie niet praat met een speler uit mijn groep. We willen iedereen individuele aandacht geven en dat doet iedereen in de staf."

 

Overgangsjaar

Door het werken met een jonge groep met slechts een paar ervaren spelers is het gevolg dat NEC dit seizoen nog niet heel stabiel oogt, afgezien van de reeks goede wedstrijden in de tweede periode. Door de keuze voor talenten viel de term 'overgangsjaar' al vaker, terwijl de verwachtingen van club en fans meer uit elkaar lijken te drijven. Gesthuizen: "Deze groep heeft tijd nodig en dat wringt vaak bij mensen. Een supporter wil dat je team wint en dat je team goed speelt. Vaak is de koppeling dan dat je slecht hebt gespeeld als je verliest en dat je goed hebt gespeeld als je wint. Dat is voor ons niet altijd zo en dat werkt twee kanten op. We hebben dit seizoen ook weleens duels gewonnen waarvan wij dachten: dit was helemaal niet zo goed."

 

Stabiel of niet, Meijer voegt toe dat hij tevreden is over de spirit die het elftal uitstraalt. Juist daarop kwam in de laatste wedstrijden van 2019 meer kritiek van sommige fans. Van die reacties, voornamelijk op social media, krijgen de trainers weinig mee. Meijer: "Ik vind niet dat we daar veel mee kunnen. Wij moeten ons focussen op de dingen waar we wel invloed op hebben en dat is wat we doen op het veld met de jongens. Wat daar buitenom gebeurt, moeten we niet te veel bezig zijn."

 


Gesthuizen: "Ik vind het ook een dooddoener. Als je verliest, is er geen inzet en als je wint, is de inzet geweldig. Wij hebben een team waar het nooit aan inzet ontbreekt. Soms gaan de dingen weleens niet helemaal goed, dat hoort ook bij de onervarenheid. Ik denk dat wij dit seizoen wedstrijden hebben gespeeld waar we juist door die inzet nog punten hebben gepakt. Als de spelers geen inzet tonen, krijgen ze dat van ons te horen, maar bij dit team ontbeert het echt niet aan inzet. Als het slecht is, is het bij ons ook slecht. We zijn alle drie perfectionistisch. Goed kan altijd nog beter. Maar het moet wel een reëel beeld blijven."

 

Ook Bogers is juist te spreken over de winnaarsmentaliteit van NEC. "Thuis tegen De Graafschap (1-1, red.) hadden we in de slotfase zo veel power dat ik het gevoel had dat we de wedstrijd nog naar ons toe gingen trekken. Niet op basis van goed voetbal, maar we waren wel sterk. Die wedstrijd hadden we kunnen winnen. Tegen Go Ahead was dat ook, en onlangs nog tegen Almere. Als je dat tegen een supporter zegt, dan zegt die: 'Ja, toen speelden we gelijk of verloren we, dat heeft geen waarde.' Maar voor ons zijn dat wel signalen dat er een aantal dingen goed gaat. Dat betaalt zich alleen niet altijd uit in resultaat, maar uit een wedstrijd tegen De Graafschap haalden we veel genoegdoening. Een supporter zal misschien zeggen: 'Leuk wat die trainer zegt, maar we hebben niet gewonnen.'"

 

"Daarom baalden we zo van die nederlaag bij Excelsior", vervolgt Bogers. "We hebben het daar zelf zo laten liggen, dat kunnen wij veel beter. Bij Volendam waren we niet bij machte. Dan zijn we teleurgesteld over het verlies, maar inhoudelijk wisten we dat zij gewoon beter waren. Dat was voor ons weer een les. Maar als je zelf de kansen krijgt en je maakt ze niet, is de teleurstelling voor ons groter. Wat François al zei: we hebben ook weleens wedstrijden gewonnen waarvan we achteraf concludeerden dat we zo veel verkeerd hadden gedaan met betrekking tot de dingen die we hadden getraind en afgesproken."

 

Opleiden

Na de nederlaag bij Excelsior (2-1) maakte Gesthuizen in de media ook voor een van de eerste keren een gefrustreerde indruk, waar het daarvoor bij mindere resultaten vaak leek alsof hij zijn ploeg uit de wind probeerde te houden door te benadrukken dat er veel jonge spelers op het veld staan. Want hoewel de trainers bezig zijn met het opleiden van talenten moet er ook resultaat worden geboekt. "Het is niet zo dat wij denken: ach, wedstrijdje verloren, maar we zijn wel lekker aan het opleiden. Nee, wij willen winnen", zegt Gesthuizen. "Opleiden is ook het leren om wedstrijden te winnen. Het is niet allemaal vrijblijvend en opleiden moet geen excuus zijn om niet voor resultaat te gaan."

 

Bogers: "Je mag als speler een keer op je bek gaan. Dat geldt voor de jonge, maar ook voor de oudere spelers. Er zijn spelers geweest die een of twee wedstrijden minder hebben gespeeld. Dan kun je twee dingen doen: of meteen eruit halen en een andere speler erin of je laat het staan. Een supporter zal dan misschien sneller iemand eruit willen halen, maar wij proberen daar overheen te kijken. Maar als iemand van 25 veel beter speelt dan iemand van 19, dan speelt die van 25. We hebben wel bewust gekozen voor eigen jongens. Als iemand niet beter is dan wat er staat, dan komt hij niet. Kunnen we een rechtsbuiten halen die veel beter is dan Anthony, dan komt hij en gaat hij spelen. Zo is het ook."

 

Zo makkelijk gaat dat echter niet. Kwalitatief betere spelers zijn voor een club als NEC in de huidige financiële situatie vaak niet haalbaar. Deze winter is er in principe helemaal niets mogelijk op de transfermarkt. "Het is heel duidelijk. Er is geen geld, dus er kan niks", aldus Gesthuizen. "Wij moeten met deze jongens aan de slag. Dat is voor buitenstaanders vaak vervelend om te horen, want in het verleden kon dat wel. Nu is het duidelijk: als er niemand weg gaat, komt er niemand bij. Wij kunnen van alles willen en vinden, maar het kan niet."

 

Het kan worden gezien als drie trainers die nu de zaadjes planten om later te kunnen oogsten. Volgend seizoen hebben jonge spelers als Van Rooij en Musaba een heel seizoen aan ervaring op zak. "Dat is de vraag", countert Bogers. "Als je links en rechts al hoort dat er veel interesse is voor een aantal spelers, in hoeverre kun je dan zeggen dat hier het nieuwe NEC staat? Kijk maar naar mijn eerste jaar hier, met Arnaut Groeneveld en Ferdi Kadioglu. Dan hoop je dat ze drie of vier jaar bij de club blijven, maar in het huidige landschap is dat niet meer aan de orde."

 

Toekomst

Dan rest nog de contractsituatie van de drie trainers. Van Schaik gaf eerder al aan dat hij pas later in het seizoen een beslissing neemt over de invulling van het trainerschap voor volgend seizoen. Ook de hoofdtrainers zijn daar nog niet mee bezig, hoewel hun verbintenissen eind juni aflopen. "Er is nu zo veel werk aan de winkel hier. Ik heb niet het idee dat we nu erg bezig zijn met contracten die wel of niet verlengd worden", vertelt Bogers. "We hebben onze handen vol aan het voetbal. Laten we er eerst voor zorgen dat we de dingen bereiken die we willen bereiken. Dat is prioriteit. Wij gaan proberen het maximale eruit te halen en als dat tot gevolg heeft dat contracten wel of niet verlengd gaan worden... Tja. Het werkt hetzelfde als bij een speler die het goed doet."

 

Hoewel de tijd dringt omdat het diner wacht, poseren de drie trainers na het interview nog even voor een foto. Maar niet voordat Bogers zijn telefoon tevoorschijn haalt. "Willen jullie een foto? Hier, ik kan er wel een doorsturen." Op het scherm verschijnt een creatie die ooit op Twitter terechtkwam waarop de drie trainers met glitterpak en al zijn afgebeeld als De Toppers. Nee, de trainers krijgen niet veel mee van alle meningen, maar houden de sociale media blijkbaar wel in de gaten. Zo eindigt een bij vlagen moeizaam gesprek wel met een kleine glimlach.

 

 


'Je hoort mij niet zeggen dat zo'n trainingskamp niet in Nederland kan'

Een dag na het gesprek schieten we Gesthuizen nog eens aan om kort terug te blikken op het trainingskamp in Spanje, dat korter was dan vorig jaar én minder sterke tegenstanders in de oefenduels kende. De reserves van NEC hebben net VVSB verslagen, terwijl de beoogde basiself eerder op die dag won van Lincoln Red Imps uit Gibraltar. "Wij wilden per se op zondag spelen. Op zaterdag spelen tegen De Graafschap ging ten koste van de trainingen voor die wedstrijd en maandag is hier een nationale feestdag, dus dat was ook moeilijk. We kwamen bij Lincoln Red Imps uit, dat nog in de voorronde van de Europa League heeft gespeeld. Voor deze eerste wedstrijd was dat een prima tegenstander."

 

Rest de vraag of zo'n trainingskamp niet ook gewoon in Nederland gehouden had kunnen worden. Het is een traditie dat NEC tijdens de winterstop de tenten opslaat in het zonnige buitenland, maar met een aantal échte trainingen dat op één hand te tellen is en oefenduels tegen clubs die NEC slechts een beetje weerstand bieden, is het logisch om je af te vragen of de selectie er echt iets aan heeft om helemaal naar Spanje te reizen. Ook aan de reis gaat weer tijd verloren.

 

"Je hoort mij ook niet zeggen dat dit niet in Nederland kan", vervolgt Gesthuizen. "De trainingsvelden bij NEC zijn wel een dingetje. Ze zijn matig en dat heeft ook te maken met de financiële beperkingen. De grasmeesters hebben er daardoor weinig aan kunnen doen in de zomer. Dat merk je, we hebben er last van. We trainen om die reden best vaak op kunstgras. Als je serieus wil zijn, moet je meer op gras kunnen trainen. Dat is hier beter. In het verleden was het zo dat je naar Spanje ging omdat de winters in Nederland streng waren. Dat is nu niet, maar er zit ook een stukje historie bij. De Club van 19 bekostigt deze reis, het kost NEC niks. Als zij dat aanbieden, zeggen wij geen nee. We zitten hier continu bij elkaar en kunnen makkelijker gesprekken voeren, maar dat kan ook in Nederland."



BEKIJK HET OVERIGE NIEUWS