LOG HIER IN MET JE FACEBOOK ACCOUNT

25-03-2020 17:00 UUR Door: Redactie

Hans van Delft (1946-2020): voor altijd de Grote Dikke Leider van NEC


Hans van Delft is dinsdag op 73-jarige leeftijd overleden. De ondernemer was tussen 1997 en 2006 voorzitter van NEC en werd bij zijn afscheid benoemd tot erevoorzitter van de club en ereburger van Nijmegen. In al die jaren drukte Van Delft zeker zijn stempel op NEC en de stad en tot het einde bleef hij betrokken.

 

De Grote Dikke Leider, zo werd Van Delft door de fans van NEC liefkozend genoemd. Sinds zijn aftreden in 2006 kreeg de club tot op heden nooit meer zo'n boegbeeld als hij en rustig is het sindsdien ook zelden geweest. Als oud-voorzitter liet Van Delft meermaals zijn ongezouten mening weten over wat er allemaal misging, dat er geen visie was. In zijn tijd als voorzitter klom NEC op in de Eredivisie en werd Europees voetbal behaald, maar werden ook controversiële beslissingen genomen. Wat als een paal boven water stond, was dat één iemand de baas was: Hans van Delft.

 

Wie nu een nostalgisch verhaal verwacht over hoe een kleine jongen aan de hand van zijn vader de trappen van de oude Goffert besteeg, komt bedrogen uit. Van Delft was op jonge leeftijd met andere dingen bezig. Hij hield meer van tennis en was druk met het bedrijf van zijn vader, de papierfabriek Depa. Bij NEC kwam hij niet, toch zou hij later de club voorgoed veranderen. Voordat dat zover was, richtte Van Delft zich op zakendoen. Na het overlijden van zijn vader ging hij met Depa internationaal, vooral naar Azië. Het leverde Van Delft een grote liefde voor het continent op, 'en er is nog nooit een Chinees geweest die mij heeft belazerd', zei hij daar later lachend over. Het bedrijf groeide en groeide, tot Van Delft in 1989 naar eigen zeggen een offer you can't refuse kreeg. Vanuit Koeweit werd een bod gedaan op Depa en het bedrijf werd verkocht. Daarna richtte Van Delft zich op vastgoed.

 

Voorzitter

Hoe kwam iemand die eigenlijk niet veel met voetbal had dan bij NEC terecht? De basis voor zijn voorzitterschap werd in de jaren negentig gelegd toen er bij de club het idee ontstond voor een nieuw stadion. NEC was in die periode afgezakt, speelde in het begin van het decennium nog in de Eerste Divisie en de toeschouwersaantallen liepen ver terug in het verouderde stadion. Toen er een stuurgroep voor dat idee werd geformeerd, kreeg Van Delft de vraag of hij tijd en zin had. Tijd had hij genoeg, maar zin eigenlijk niet. "Maar zin kun je altijd maken", schreef De Volkskrant in 1997 over hem.

 

De krant schreef net na zijn aantreden over wie Van Delft, de nieuwe voorzitter, was. Zijn voorganger, Lex Coenen, onder wie NEC in zijn laatste seizoen BNN als hoofdsponsor kreeg, deed vanwege zijn gezondheid een stapje terug. Op de lijst met twaalf mogelijke opvolgers stond Van Delft bovenaan. De zakenman voelde zich vereerd en hapte toe. "Ik ben ook maar een mens en een zekere mate van ijdelheid is mij niet vreemd. Dat zal best een rol hebben gespeeld." Leen Looijen, op dat moment technisch directeur en interim-trainer, dacht dat Van Delft het anders ging doen dan anderen. "Er lopen in de voetbalwereld nogal wat engerds rond. Ik zal geen namen noemen, iedereen kent ze wel, de egotrippers en ijdeltuiten. Van Delft is beslist anders. Hij heeft zich hier niet ingekocht. Het belang van de club, het belang van Nijmegen, alleen daar is het hem om te doen."

 

NEC had in die tijd moeite om het hoofd boven water te houden. Telkens dreigde er degradatie, een faillissement of in het ergste geval beide. Als er niks gebeurde, zou het er allebei op termijn toch wel van komen. Een doorn in het oog van veel Nijmegenaren was hoe het er aan de overkant aan toeging. Vitesse klom onder leiding van Karel Aalbers op naar de subtop van Nederland en ging een hypermodern stadion bouwen. Van Delft reageerde er gevat op: "Nijmegen is een typische voetbalstad, meer dan Arnhem ooit geweest is en ooit zal zijn. Vitesse is geen serieuze concurrent meer. Onze toppositie in de provincie hebben we verspeeld. Maar dat wil nog niet zeggen dat Nijmegen als voetbalstad geen toekomst meer heeft. NEC is van oudsher van het volk en voor het volk. De club heeft in potentie een grotere aanhang dan Vitesse."

 

 

Ambitieus

Van Delft lichtte vlak na zijn aantreden al een tipje van de sluier op over wat zijn plannen met NEC waren. In tegenstelling tot het stadion van Vitesse moest de nieuwe Goffert 'klein, niet meer dan tien- hooguit twaalfduizend plaatsen, intiem en gezellig' worden. "Laat mij nou maar een paar jaar mijn gang gaan", zei Van Delft in het interview met De Volkskrant. "Ik ben een bouwer en ga een uitdaging niet uit de weg. Nijmegenaren zijn cynisch of cynisch geworden door het feit dat hun club nu al jaren achtereen vecht tegen degradatie. Ze denken al gauw dat het onmogelijk is wat ik wil met deze club. Maar ik geef ze op een briefje dat het wel degelijk mogelijk is. Over drie, vier jaar zal de begroting verdubbeld zijn, is er een nieuw stadion, zal de club in al haar geledingen geprofessionaliseerd zijn en maakt de ploeg deel uit van de Top-10."

 

Hoewel Van Delft toen aangaf nooit ook maar een cent van zijn eigen geld in de club te steken, was er wel degelijk geld nodig om NEC omhoog te krijgen. Het stadion zou daar een belangrijke rol in spelen en de voorzitter was voorstander van een grote groep ondernemers die de club zouden dragen, in plaats van één grote sponsor. Onder leiding van Van Delft groeide de Ondernemers Sociëteit Regio Nijmegen (OSRN) enorm. Sportief werden er mondjesmaat stappen gezet. Het belangrijkste nieuws volgde een jaar na het aantreden van Van Delft: eind mei 1998 volgde groen licht voor het nieuwe Goffertstadion, dat voor 17,5 miljoen gulden werd aangepakt. De eerste grote stap naar een betere toekomst voor de club. Nog geen jaar later ging de schop de grond in.

 

Van Delft maakte zich met andere beslissingen minder populair bij sommige supporters, bijvoorbeeld door afscheid te nemen van het traditionele balkenshirt en door het clublogo te veranderen. NEC had een stoffig imago, speelde volgens buitenstaanders in het lelijkste shirt en in het lelijkste stadion, met een oude selectie die weinig waarde vertegenwoordigde. Van Delft vond dat daar iets aan gedaan moest worden en had weinig met het klassieke balkenshirt. 'Ik wil niet dat NEC in het lelijkste shirt van Nederland gaat voetballen', zei Van Delft daarover. Het balkenshirt was daarnaast niet te 'verkopen' voor sponsoren. Beide beslissingen hadden overigens wel twee pogingen nodig. Het logo met twee verfstrepen werd al snel vervangen, net als het volledig rode shirt met zwarte broeken. Daar kwamen het huidige logo en het shirt met het rode en groene vlak voor terug.

 

Bekerfinale

Waar NEC in 1998 nog op de achtste plek eindigde, de beste eindrangschikking sinds 1976, ging het daarna minder met een elfde plaats en een vijftiende plek, waarmee degradatie maar net werd afgewonden. Ondanks het matige seizoen 1999/2000 in de competitie, waar trainer Jimmy Calderwood de club al in november verliet, behaalde NEC wel voor de vierde keer de finale van de KNVB-beker, door onder andere SC Heerenveen, Excelsior en AZ uit te schakelen. Zo stond de nummer vijftien van de Eredivisie op 21 mei 2000 in De Kuip tegenover Roda JC. Van Delft, die Europees voetbal op zijn lijstje had staan als langetermijndoelstelling, zag dat nu wel heel dichtbij komen. Het bleek nog te vroeg, want de Limburgers wonnen met 2-0.

 

 

Van Delft gaf in het begin van zijn voorzitterschap altijd aan dat hij 'eigenlijk niks weet van voetbal, maar wel van centen'. Dus omringde hij zich net als in het bedrijfsleven met mensen die verstand van zaken hadden. De technische leiding haalde getalenteerde spelers naar Nijmegen, spelers die later misschien ook verkocht konden worden. Een van de eerste stunts was al voor de bekerfinale van 2000 gerealiseerd: Johan Neeskens werd aangetrokken als nieuwe trainer voor het daaropvolgende seizoen. 'Zijn visie sluit aan op onze ambities om binnen een, twee jaar te behoren tot de subtop', sprak Van Delft toen over de komst van de assistent-bondscoach van Oranje.

 

Onder Neeskens eindigde NEC eerst op de twaalfde plek en in 2002 als negende. Waar de trainer en Looijen liever niet hardop uitspraken dat Europees voetbal de doelstelling was, deed Van Delft dat wel. Nu was de tijd wél rijp om dat te bewerkstelligen. 'Duidelijk omhoog kijken en proberen om Europees voetbal te halen, dat is mijn persoonlijke doelstelling', zei Van Delft tegen TV Gelderland. Het had wat voeten in de aarde, maar het lukte in het seizoen 2002/03 wel op legendarische wijze. Elke supporter van NEC zal het moment nog herinneren. De club streed met onder andere Roda JC en RKC Waalwijk om de vijfde plek en een Europees ticket. Op de laatste speeldag was RKC in Waalwijk de tegenstander. Lang stond het 0-0, wat betekende dat Roda Europa in ging. Tot Zico Tumba in de extra tijd Resit Schuurman aanspeelde. De middenvelder stoomde op aan de rechterkant en zag Jarda Simr sprinten. Voorzet, tweede paal. De Tsjech schoof zijn been uit en scoorde: 0-1. NEC ging Europa in.

 

 

Stadiondeal

Iets minder dan een half jaar eerder waren er al lachende gezichten te zien in De Goffert toen bekend werd dat NEC het stadion had verkocht aan de gemeente Nijmegen. De schuldenlast van de club was behoorlijk hoog en de verkoop - ter waarde van twaalf miljoen euro - was noodzakelijk. NEC maakte een pas op de plaats, meldde Van Delft. Onder zijn leiding ging de begroting van NECvan 6,5 miljoen gulden naar 11 miljoen euro, maar door het instorten van de transfermarkt bleek dat de club een te grote broek had aangetrokken. "NEC heeft door de verkoop van De Goffert de problemen aangepakt voordat ze ons boven het hoofd groeien. We kunnen nu enigszins rustig nieuwe, onzekere ontwikkelingen in het voetbal afwachten. Er staat ons nog wel wat te wachten", zei Van Delft toen tegen De Gelderlander. Toen al repte de voorzitter over een toekomstige uitbreiding van het stadion. Na de bouw gaf hij al aan dat er binnen no-time een tweede ring op De Goffert gezet on worden. "Het aantal toeschouwers en sponsors neemt toe. Wil je die goed blijven bedienen dan is uitbreiding op termijn nodig." Gevolg van de stadiondeal was dat NEC tot 2043 aan een huurcontract gebonden zat, waar de club nu nog altijd van af probeert te komen.

 

Het eerste Europese avontuur sinds de jaren tachtig volgde voor NEC, maar was ook zo weer voorbij door toedoen van Wisla Krakow. De club beleefde sowieso een minder seizoen en bungelde onderin de Eredivisie. Op de achtergrond werkte de clubleiding aan interessante plannen die weinig te maken leken te hebben met een pas op de plaats. Met behulp van sponsoren moest er een nieuwe regeling komen die de komst van dure spelers mogelijk zou maken, om zo de kwaliteit van de selectie een boost te geven. Van Delft slaagde erin en kreeg het voor elkaar dat er taferelen te zien waren in De Goffert die men bij NEC nog nooit had gezien. De Poolse spits Andrzej Niedzielan kwam over voor één miljoen euro en werd net als de Paraguayaanse middenvelder Edgar Barreto als held naar binnen gehaald door supporters. Beiden verdienden een vorstelijk salaris en moesten in de toekomst een veelvoud opbrengen.

 

Een jaar later moest Van Delft naar eigen zeggen een van de moeilijkste keuzes bij NEC maken: het ontslag van Neeskens. NEC had in het seizoen 2004/05 pas drie keer gewonnen en stond op de veertiende plek. De voorzitter vond dat er ingegrepen moest worden. Vlak voor de kerstborrel van 2004 kreeg Neeskens de zak. "We hadden het gevoel dat hij de spelersgroep niet meer aan de gang kreeg. Geen een fijne boodschap, maar hier tellen geen persoonlijke belangen. Dit besluit is genomen in het belang van de club." Cees Lok nam het roer over, maar hij vertrok een jaar later ook alweer. De club tastte in het duister over het waarom, maar volgens Lok was er een verschil van inzicht.

 

Onrust

Het verrassende vertrek van Lok bleek indirect te maken te hebben met Marcel Boekhoorn, die in die periode steeds meer betekende voor NEC. De investeerder was een belangrijke kracht in de investeerdersgroep die de Nijmeegse club aan de transfers van onder anderen Niedzielan en Barreto hielp. De puissant rijke ondernemer handelde vanaf de achtergrond en had Hans Kraaij sr. in de arm genomen als adviseur bij de aankoop van spelers. Lok zou de bemoeienissen van Kraay sr. niet op prijs hebben gesteld. "Boekhoorn vond het wel een goed idee iemand te kunnen raadplegen die hem kon vertellen welke spelers moesten worden aangetrokken. Hij betaalde Kraay zelf. Ik heb er geen grip op als een investeerder zijn eigen adviseur aanstelt", zei Van Delft daarover tegen De Volkskrant. In datzelfde interview bevestigde Van Delft dat Boekhoorn zich voorlopig terugtrok als investeerder om veiligheidsredenen. NEC zou het daarna creatiever moeten oplossen.

 

Begin 2006 kondigde Van Delft zelf aan dat hij zou aftreden als voorzitter van NEC. Vincent Paes volgde hem op en in april van dat jaar werd Van Delft getroffen door een hartinfarct waar hij vervolgens van herstelde. De aanstelling van Paes is een volgend hoofdstuk in de onrust bij NEC die tot op de dag van vandaag voortduurt. Volgens De Gelderlander blijken de invloedrijke investeerders namelijk niet blij met de aanstelling van Paes en hadden zij liever Ton van Gaalen gezien, die jaren later alsnog voorzitter zou worden. Binnen NEC zou een machtsstrijd gaande zijn tussen kamp-Van Delft en kamp-Boekhoorn. Paes zou een grote onbekende zijn die als vriend van Van Delft naar voren werd geschoven.

 

Anderhalf jaar na zijn aantreden trad Paes alweer af als voorzitter vanwege een verschil van inzicht. NEC stond er toentertijd onder leiding van Mario Been slecht voor in de Eredivisie, maar wie had toen kunnen voorspellen hoe het seizoen zou eindigen. 'Alles komt goed', zei Been altijd en NEC zette een winstreeks neer die uiteindelijk een nieuw Europees avontuur tot gevolg had door een succesvolle campagne in de play-offs. Het werd een jaar om nooit te vergeten. De groepsfase werd bereikt en clubs als Spartak Moskou en Udinese werden verslagen. Van Delft kon in het stadion in Moskou nog juichend worden gezien na de 1-2 van Lasse Schöne.

 

 

Erevoorzitter

Van Delft, na zijn aftreden benoemd tot erevoorzitter van NEC en ereburger van Nijmegen, bleef altijd betrokken bij NEC. Als aandeelhouder werd hij later voorzitter van het Stak, dat de aandelen van de club beheert. Jan van Teeffelen, de opvolger van Paes, leek in tegenstelling tot Van Delft bijna een ceremoniële rol te vervullen die later door Van Gaalen werd overgenomen. De algemeen directeur werd het uithangbord van NEC. Eerst Jacco Swart en vervolgens Bart van Ingen. Na het Europese jaar stagneerde de Nijmeegse club weer. De financiële problemen kwamen weer om de hoek kijken en de modernisering van het stadion kreeg telkens geen groen licht. Langzaam maar zeker zakte de club verder weg. De oplossing leek volgens sommigen simpel: Boekhoorn moest het overnemen. Daar werd in 2006 al over gesproken en onlangs weer, maar het werd nooit realiteit.

 

Van Delft was geen voorstander van een overname van één rijk persoon. Niet voor niets liet hij de OSRN zo groeien. Na zijn aftreden dook de ongezouten mening van Van Delft regelmatig op in de media, bijvoorbeeld in 2007 in Voetbal International. "ls het aan mijnheer Boekhoorn had gelegen, was er nog veel meer geld geïnvesteerd. Dan zaten we nu met een schuld van twintig miljoen euro of meer. We hebben allemaal een NEC-hart, maar als voorzitter moest ik naar de lange termijn kijken. Iedereen kent de geschiedenis, ik heb alleen maar lopen remmen. Daarom wilde ik ook hoe dan ook geen investeerder of sponsor als mijn opvolger. Dat zijn opportunisten. NEC is geen speeltje voor miljonairs."

 

Achtergrond

Na het vertrek van Van Delft kwam NEC meermaals onder curatele te staan van de KNVB, vooral vanwege een ruimer negatief resultaat dan begroot in het seizoen 2004/05. Buiten het Europese jaar onder Been werd het na het vertrek van Van Delft nog zelden rustig bij NEC. De investeerders zijn belangrijk geweest voor de club, maar NEC structureel naar een hoger plan tillen lukte nooit. Van Delft zag het met lede ogen aan. Na de degradatie in 2017 besloot hij tegen Omroep Gelderland zijn verhaal te doen: "De leiding heeft niet de capaciteiten om NEC te runnen. Er is geen visie. Wat er nu is gebeurd, hebben zij veroorzaakt. NEC is al jaren zo'n lachertje. Die mensen moeten nu hun conclusies trekken, want deze degradatie schept verantwoording. Ze hebben ze twee jaar lang allemaal genegeerd. Ik wil altijd helpen, maar heb nooit iets van de clubleiding gehoord. Dat zet me nu zelf ook aan het denken."

 

Hoewel Van Delft Van Ingen dan nog niet eens als hoofdschuldige aanwijst. Een jaar later, nadat NEC promotie naar de Eredivisie was misgelopen en door FC Emmen werd uitgeschakeld in de play-offs, haalde Van Delft opnieuw uit: "Kijk eens naar het aantal algemene directeuren, technisch directeuren, naar de trainers en de puinhopen die die charlatan achter heeft gelaten", doelde Van Delft op Van Ingen.  Boekhoorn zou betrokken raken bij het nieuwe seizoen. "Dit is misschien wel het beste dat NEC kon gebeuren. Tot vorige week was ik echt bang dat we Fortuna Sittard achterna zouden gaan. Jarenlang strijden om je bestaan in de kelder. Ik heb er voor het eerst sinds tien jaar weer echt vertrouwen in."

 

 

Begin deze maand gaf Van Delft zijn laatste interview. Hij wist dat zijn einde nabij was. In De Gelderlander kwam uiteraard ook NEC ter sprake. "Ik voel me nog altijd verantwoordelijk. Er is absoluut toekomstperspectief, maar er is geen visie bij het huidige bestuur van de club. Alleen besluiteloosheid. NEC is een stuurloos schip. Het probleem is: iedereen bij NEC denkt dat het alleen maar om geld gaat, geld dat men denkt nodig te hebben voor een vernieuwd stadion. Dat doet me verschrikkelijk veel pijn. Want het gaat om motivatie, wat dóén. Niet lullen, maar poetsen. Er zijn veel woorden, veel beloftes, veel plannen, maar geen daden. Al jaren ben ik een van de belangrijke aandeelhouders. Maar ook al jaren word ik door de bestuurders niet over besluiten geïnformeerd. Ik stel mijn geld beschikbaar maar er wordt niet met mij overlegd. Dan raak je mij absoluut in mijn ziel. Zonder mij had de club al vijftien jaar niet meer bestaan."

 

Van Delft sprak ook zijn teleurstelling uit over het feit dat maar weinig clubmensen en investeerders contact met hem zochten sinds hij ziek werd. "Dat valt mij gigantisch tegen. Ik wil dat het goed gaat met NEC, daar knok ik voor."

 

Vergeten werd hij door de supporters in ieder geval nooit. Afgelopen zaterdag bracht Legio Noviomagum een eerbetoon aan Van Delft met een groot spandoek en een rokende sigaar voor zijn huis in Lent. "Hans van Delft, voor altijd Grote Dikke Leider." Drie dagen na deze fraaie actie overleed Van Delft op 73-jarige leeftijd.

 

 

Foto's: Rob Koppers



BEKIJK HET OVERIGE NIEUWS