LOG HIER IN MET JE FACEBOOK ACCOUNT

05-10-2018 00:00 UUR Door: Thomas Hogeling

Column: En toch kijk ik uit naar de optredens van Marco van Duin


Vanuit het uitvak klonk de klassieker ’ik schijt op nek, jij schijt op nek, wij schijten allemaal op nek, nek, nek, nek, nek’ en Norbert Alblas verliet het veld. Zijn laatste doeltrap moest hij overlaten aan Josef Kvída. Als zoiets bij de amateurs gebeurt, weet je vrij zeker dat de ‘keeper eigenlijk geen keeper is’, of dat er in elk geval reden is hem eens flink te testen. Die test kwam precies twaalf seconden na de doeltrap. Mooi schot hoor, daar niet van, maar toch: knullig minuutje.

 

Tot na de winterstop moeten we het nu doen met Marco van Duin. Reden tot zorg gezien zijn vorige optredens tegen FC Emmen, maar volgens Van Duin zelf is het geen ramp. Hij had na het vertrek van Coutinho sowieso verwacht eerste keeper te worden. Hij ‘is de eerste die het zou toegeven wanneer Alblas een betere keeper is’, maar hij vindt zichzelf beter. Dat mag, maar ik vind Alblas beter. Niet alleen in keepen trouwens, ik weet vrij zeker dat Alblas ook beter is in tafeltennis, kruiswoordpuzzels en klaverjassen.  


Toch voelde ik opwinding toen Van Duin het veld inkwam. Niets zo spannend als een keeperswissel. Vooral omdat reservekeeper zo’n lullige rol is. De lulligste, denk ik zelfs. Met een beetje pech is het niets meer dan een seizoenskaart vlakbij het veld. En als je er dan in mag, moet je meteen kéépen. Dat is toch even wat anders dan drie minuten invallen op rechtsbuiten. Die eerste bal die op je afkomt: klemmen? Eerst even naar de grond duwen? Toch maar boksen? Ik begrijp best dat ook reservekeepers gewoon trainen en dus best weten hoe ze moeten handelen als er een bal op ze afkomt, maar je zou het maar net even zijn vergeten.


De opwinding die ik voelde heeft ook te maken met de tweede keepers die hun kans pakten in de Goffert. Dennis Gentenaar was beter en veel cooler dan Bas Roorda. Albert van der Sleen was niet zo goed als Gentenaar, maar hij was wel heel oud en runde een eigen speelgoedwinkel. Raymond van Emmerik wist met zijn 1,78 meter toch maar mooi twee keer de nul te houden. En dat Jasper Cillessen ooit voor Oranje en Barcelona zou keepen, wisten we in Nijmegen eigenlijk al toen hij Gabor Babos uit de basis speelde.


Jasper Cillessen vond zichzelf trouwens al beter dan Babos toen hij nog in de jeugd bij de Treffers speelde. En toen hij bij Ajax kwam, stak hij niet onder stoelen of banken dat hij zichzelf beter vond dan Vermeer. Hij begrijpt er ook niets van dat hij bij Barcelona alleen maar in bekerwedstrijden mag keepen. Misschien moeten keepers zichzelf ook een beetje overschatten: het is bij uitstek een beroep waarvoor zelfvertrouwen nodig is. En als Van Duin toch even onzeker wordt, kan hij altijd terugvallen op de wijze woorden van zijn trainer, deze week in de Gelderlander: “Keepers moeten ballen tegenhouden.”




Thomas Hogeling



BEKIJK HET OVERIGE NIEUWS