De glimlach van Bryan Linssen zegt alles. Met negen punten uit drie wedstrijden en een doelsaldo om van te smullen is NEC uitstekend aan het seizoen begonnen. De aanvaller is niet alleen blij met de resultaten, maar ook met het plezier en de energie op het veld én op de tribunes.

De zon begint langzaam door te komen als Linssen met een grote glimlach van het trainingsveld afstapt. NEC is uitstekend gestart aan het seizoen, waardoor net als iedere week, er veel supporters langs de zijlijn staan. “Een mooi begin dit hé”, knipoogt Linssen. “Negen punten en een goed doelsaldo. Beter konden we ons niet wensen.”

Uitstekende start

Op papier was deze start wellicht voor de hand liggend, maar dat het er ook uitkomt is het tweede. “Net als iedereen kijk je naar het speelschema. Er wordt dan geroepen dat je die wedstrijden moet winnen. Dat zeggen we zelf ook, maar dat je dan op deze dominate manier en met veel goals wint, had ik zelf ook niet verwacht.” Want er wordt flink gescoord door de Nijmegenaren. Toch had dit aantal meer kunnen zijn tegen NAC (3-0, red.) afgelopen speelronde. “Als je heel veel kansen creëert, wil niet zeggen dat alles er in vliegt. Dat was bij Barcelona in hun  goede tijd ook niet het geval. Er gaat ook heel veel werk aan vooraf. Dat kost kracht en energie, waardoor je in de eindfase net wat onzuiverder bent. Naarmate het seizoen vordert en hoe fitter je wordt. Des te beter dat gaat worden.”

Ondanks dat het de intensiteit hoog ligt en er veel kracht gevraagd wordt, is er ook veel plezier terug te zien op het veld. “Dat zijn ook de voorwaardes van een goed seizoen draaien. Hierom ben ik voetballer geworden. Als aanvaller wil je veel de bal hebben, kansen creëren en goals maken. In dit systeem komt dat meer tot uiting”, lacht Linssen. De Limburger omarmt dan ook de tactiek en zijn positie onder Dick Schreuder. “Ik heb op best wel veel posities gespeelt”, grijnst de spits. “In de voorbereiding heeft de trainer mij ook op een aantal plekken neergezet. Ik pas mij vrij makkelijk aan, maar deze plek past het beste bij mij.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Veel aandacht

Na zo’n start is NEC in heel Nederland een ‘hot topic’. Iedereen heeft het over de prestaties van de rood-groen-zwarten. “Dat is inherent aan de resultaten. Als je goede resultaten haalt en bovenin meedraait, wordt er veel over je gesproken. Het zet jongens in de etalage. De club staat er beter voor op de markt, maar het belangrijkste is dat de mensen met plezier naar het stadion komen. De Goffert kolkt weer en dat is mooi.”

Zelf houdt Linssen zich afzijdig van de lofzang die over de club wordt geschreven. “Af en toe zie en hoor je iets voorbijkomen, maar ik ga niks opzoeken. Ik heb goede fases gekend, maar ook slechte. Je moet daar hetzelfde mee om gaan. Als het allemaal goed gaat praten ze je beter dan dat je bent. Zodra het slecht gaat praten ze je slechter dan dat je bent. Daar moet je proberen een balans in te vinden, zodat je nooit met emoties van anderen meegaat.”

Met beide benen op de grond blijven staan dus. “Daar zorgt de trainer wel voor, want het moet altijd beter”, knipoogt Linssen terwijl Schreuder voorbij loopt. “Als groep hebben we dat zelf ook wel. Na NAC had ik ook geen lekker gevoel. We winnen welliswaar, maar je mist zelf twee kansen. Daar voelde ik me niet fijn bij. Persoonlijk zijn dat wat smetjes op zo’n wedstrijd. Dat zijn de voorwaardes van meer willen en het iedere week beter willen doen.”

Terug naar Fortuna

De volgende horde is een uitwedstrijd tegen Fortuna Sittard. Bekend terrein voor de aanvaller. “Het is altijd leuk om terug te keren, waar je roots liggen. Ik heb daar de hele jeugdopleiding doorlopen en heb in Sittard op school gezeten. Alleen de club is in al die jaren zo veel veranderd. De contacten zijn daardoor verwaterd, maar het blijft wel speciaal.” Of er wederom resultaat gehaald gaat worden? “Nou, Fortuna heeft best een fysiek team staan. Die willen ook met hoge intensiteit spelen. Tegen Go Ahead hebben ze al laten zien dat ze dat ook goed op de mat kunnen leggen”, sluit een lachende Linssen af.

Foto’s: Orange Pictures en Rob Koppers